BREAKING BAD IN HET ECHT? (2)

Breaking Bad in het echt?
Breaking Bad is een vreemde en toch immens populaire televisieserie. Een wereldwijde hit die talloze prijzen in de wacht sleepte.

Ook ik raakte verslingerd aan dit epische verhaal. 62 afleveringen over het absurde leven van de geniale scheikundeleraar 'Walt', die het maffiose pad kiest en met wie je als kijker toch sympathiseert.

Hoe kan dat?

In dit drieluik sta ik stil bij die vraag, en bij de vraag of er een link is tussen dit tv-drama en het echte leven.

Hieronder deel 2. Over wat er gebeurt als je jezelf, tegen beter weten in, dingen wijsmaakt en over de moeilijkheid van keuzes maken.

Alles onder controle… yeah right

Walter maakt in zijn verleden iets tragisch mee: een verloren liefde en een misser in zijn carrière, waardoor hij een financieel onbezorgd leven misloopt. Wat hij ermee doet - of beter gezegd - niet doet, is herkenbaar: hij drukt zijn emoties weg.

Walter is daarin niet uniek. Ook in het dagelijks leven kiezen mensen er vaak voor om snel weer over te gaan tot ‘business as usual’. Doen alsof er niets aan de hand is. Zichzelf een verhaal vertellen dat het wel meevalt.

Voor de korte termijn kan dat behulpzaam zijn. Het geeft rust. Het houdt de orde intact en voorkomt dat je iets moet veranderen. Je blijft waar je bent en hoeft niet onder ogen te zien wat er werkelijk speelt. Maar stelselmatig opkroppen doet de bom doorgaans op een later moment flink barsten.

Het wegdrukken van emoties is misschien wel goed te vergelijken met het maaien van paardenbloemen. Ze zijn even weg voor het aangezicht maar komen terug. Hardnekkiger dan eerst — tenzij je de wortel aanpakt.

Bij Walter wordt een oude wond langzaam een fatale kras. De dynamiek in zijn gezin helpt niet, maar de kern zit elders: hij blijft consequent wegkijken van wat er werkelijk speelt.

Stiltegebieden

Dr. Adriaan Rengelink, met wie ik gesprekken voerde over leiderschapsvorming en disfunctionele processen, verwoordde het ooit zo:

“Ik ken geen mensen die last hebben van gevoelens, wel veel die last hebben van het wegdrukken ervan.”

In organisaties en in het dagelijks leven worden de gesprekken die er echt toe doen vaak niet gevoerd. Bijvoorbeeld over oude wonden. Over gedrag dat schuurt. Over dat wat verhult en verbloemt wordt en er niet mag zijn.

Zo ontstaan stiltegebieden.

Het vermijden en dempen daarvan ondermijnt het functioneren van een systeem. Terwijl de meeste mensen juist verlangen naar openheid. Naar een klimaat waarin je kunt benoemen wat er speelt, zonder dat dat meteen tegen je gebruikt wordt.

Dat vraagt meer karakter dan het lijkt. Het vraagt dat je het oneens kunt zijn en toch blijft luisteren. Dat je ruimte laat voor wat ingewikkeld is.

In de praktijk gebeurt vaak het tegenovergestelde. We zeggen: "laten we het er niet meer over hebben". Of: "we moeten vooruit kijken". Alsof het verleden geen rol meer speelt.

Maar wat niet besproken wordt, verdwijnt niet. Het sluimert. Soms zonder dat we het zelf doorhebben. Tot het moment dat iets zich aandient dat zó belangrijk voelt dat het niet langer te negeren is.

En dan? Dan vraagt het moed om dat onder ogen te zien, en nog meer om het uit te spreken.
Juist om te voorkomen dat emoties en driften het overnemen, terwijl we blijven doen alsof dat niet zo is.

Eenmaal gekozen…

Als je dan uiteindelijk een keuze maakt, sla je een pad in. Voor velen is dat geen eenvoudige stap.

Eerder een tantaluskwelling: wat je verlangt lijkt dichtbij, maar is tegelijk onbereikbaar.

Walter kiest, vanuit zijn ziekte en goede bedoelingen, voor de misdaad om zo het goed binnen handbereik te krijgen. Het lijkt een goed streven en een passende oplossing, maar wat hij wil blijft hem ontglippen.

Keuzes maken is zelden eenvoudig. Er zijn mogelijkheden, maar ook onzekerheden. En altijd die gedachte: als ik dit kies, kies ik iets anders niet.

Kiezen kan voelen als verliezen.

Daarbij leeft hardnekkig het idee dat je niet kunt terugkomen op een keuze. Alsof er een slagboom naar beneden gaat. Of een muur wordt opgetrokken.

Maar een keuze is, in essentie, een richting. Geen eindstation.

Ja, er zijn consequenties. Maar als iets niet werkt, waarom zou je er niet op terugkomen? Waarom geen pas op de plaats en opnieuw kijken?

Dat kan pijn doen. Maar doorgaan met iets wat niet werkt, is vaak pijnlijker.

Het vraagt dat je erkent dat er iets is. En dat je bereid bent dat te onderzoeken. Wat is er gebeurd? Waar ging het anders dan gedacht? Wat speelt hier eigenlijk?

Dat levert niet meteen helderheid op. Eerder een wirwar aan inzichten en mogelijkheden. Maar juist daarin ontstaan openingen.

Durf te twijfelen

In dat proces van kiezen en onderzoeken zit ongemak. Twijfel hoort erbij.

We leven in een tijd waarin snelheid wordt beloond. Doorpakken, beslissen, vooruit. Maar haast helpt zelden.

Descartes zei het al: cogito ergo sum — ik denk, dus ik ben. Niet als pleidooi voor eindeloos nadenken, maar als oproep om niet blind overtuigingen te volgen.

Durf te twijfelen.

In twijfel zit ruimte. Voor verwondering, voor nuance en voor het besef dat je het misschien nog niet weet.

Voor Socrates was het een levenshouding om met een onderzoekende blik te kijken. Blijf vragen. Aan jezelf en aan anderen
.
Wat gaat er in me om? Waarop is dat gebaseerd? Klopt het wel?

In die vragen zit de mogelijkheid om andere perspectieven te zien. Om los te komen van het eerste, voor de hand liggende antwoord.

Al doende leren

En toch schuilt hier een risico. Te lang blijven analyseren kan verlammend werken. Paralysis by analysis staat er in de managementliteratuur van de vorige eeuw.

De invloedrijke Amerikaanse organisatiepsycholoog Karl Weick beschrijft een andere beweging:
Betekenis ontstaat in het doen. Door te handelen leer je wat werkt en wat niet.

Je hoeft niet alles vooraf te doorgronden. De werkelijkheid ontvouwt zich vaak gaandeweg. De Noorse filosoof en theoloog Søren Kierkegaard zei het zo: "het leven wordt voorwaarts geleefd en achterwaarts begrepen."

Dat botst met onze behoefte aan controle. We willen de juiste keuze maken vóórdat we iets doen. Maar in een complexe werkelijkheid is dat vaak een illusie.

Het doet denken aan leren zwemmen: da doe je niet vanaf de kant met een vooraf uitgekristalliseerd plan. Je zult het water in moeten. Een beetje nat worden gaat niet.

Netwerkkrachten

Walter raakt verstrikt in een crimineel netwerk met een sterke zuigkracht. Het levert hem iets op, maar stoot hem ook af.

Netwerken zijn lastig te grijpen. Je kunt ze niet vastpakken, maar hun invloed is groot.

Volgens Weick krijgen netwerken betekenis door hoe mensen erin handelen. Door wat ze doen, hoe ze met elkaar omgaan en welke betekenis ze daaraan geven.

Dat maakt netwerken tegelijk waardevol en complex. Ze verbinden, maar ze trekken ook. Soms naar voren, soms weg.

Ook in organisaties zien we die dynamiek steeds sterker. Verbindingen nemen toe, over grenzen van afdelingen en structuren heen. Met bijbehorende krachten die zowel aantrekken als afstoten.

Groupthink

In die dynamiek ontstaat gemakkelijk iets anders: groupthink. Goedbedoeld, maar dominant.

Organisaties investeren vaak veel in gezamenlijke koers en co-creatie. Mooie processen, zorgvuldig doorlopen. Maar wat begint als verbinding, kan eindigen in geslotenheid.

Voor je het weet wordt de gedeelde koers een massieve werkelijkheid waar moeilijk aan te ontsnappen is.

Kritische vragen worden minder gesteld of minder gewaardeerd.

Het denken vernauwt.

Het concept 'pad-afhankelijkheid', zoals beschreven door Edwin Woerdman, helpt dat te begrijpen. Hoe meer je ergens in hebt geïnvesteerd, hoe lastiger het wordt om erop terug te komen.
We hebben er al zoveel tijd en energie in gestoken. Dan draai je niet zomaar om.

De cartoon van Fokke en Sukke over hun aanstaande huwelijk spreekt hierbij boekdelen. Uiteraard gaan ze trouwen. Ze hebben het al anderhalf jaar voorbereid! Zeg dan nog maar eens nee!

Zelfonderzoek uit de weg gaan kan zomaar ongemerkt een stiltegebied worden. Met als gevolg dat mensen en organisaties zich loszingen van de werkelijkheid.

Voorbeelden zijn er helaas volop: Parmalat, Enron, Ahold, ABN AMRO en het trieste faillissement van het grote internationale bedrijf met Nederlandse wortels: Imtech.
Breaking Bad in het echt?

In het derde en laatste deel van het drieluik schenk ik aandacht aan sociale asymmetrie, de hang naar maatschappelijke perfectie, de waarde van doormodderen en komt Machiavelli aan bod. Niccolò Machiavelli  (1469-1527) kwam uit Florence en was een politiek filosoof. Hij staat aan de basis van de poltieke wetenschappen en werd beroemd door zijn visie die samenkomt in de tekst "het doel heiligt de middelen". Klik hier om deel 3 te lezen. Deel 1 (her)lezen? Klik dan hier om deel 1 te lezen.