"IK NEEM GEEN BESLISSINGEN"

Onderweg naar het Brusselse gebouw waar ik Frank Van Massenhove ontmoet, valt de tweetaligheid mij meteen op. Vlaams en Frans lopen door elkaar heen. Taalverschil, cultuurverschil, andere omgangsvormen. Samenwerken is hier per definitie al complex. Brussel zelf draagt die spanning in zich: als symbolische plek voor Europese samenwerking, ooit belichaamd door het Verdrag van Rome en het Atomium. De uitnodiging van Frank — ‘kom langs, kom maar kijken, je bent welkom’ — voelt als zo’n uitgestoken hand.

Ik neem geen beslissingen

‘Onthaal’


De Federale Overheidsdienst Sociale Zekerheid zit in het op één na hoogste gebouw van Brussel. Van buiten een zakelijke, Weberiaanse overheidsorganisatie. Beleid, uitkeringen, vergoedingen. Niet direct het type organisatie waar je iets bijzonders van verwacht.


Juist dat maakt me nieuwsgierig. Bij ‘het onthaal’ word ik opgehaald. Klinkt toch net even anders dan onze ‘balie’. Ik word vriendelijk ontvangen en begeleid naar de kamer waar ik Van Massenhove ontmoet.


Als hij binnenkomt is de energie en hartelijkheid meteen voelbaar. Hij is open, eloquent en kijkt me steeds aandachtig aan. Hij steekt zijn ervaringen en bevindingen niet onder stoelen of banken. Hij spreekt ronduit over managementmythes waar hij niet in gelooft, de overschatting van leiderschap, de waan van de dag die regeert én de kracht van de werkvloer.


Die werkvloer is verspreid over verdiepingen, teams en disciplines. ‘Nieuw werken’ gaat hier niet over structuren, maar over sociale verhoudingen. Over mensen die zelf besluiten nemen: over hun werkplekken, werktijden, prestaties, overlegmomenten. De zelforganisatie is hier geen doel op zich maar een gevolg van anders omgaan met verantwoordelijkheid.


Masterplan? No way


"Er komen veel overheidsmanagers en bestuurders bij ons langs. Steevast krijg ik de vraag naar mijn masterplan. Het antwoord is kort en krachtig: die is er niet. Nooit geweest ook. Ik heb toen ik aangesteld werd dus ook geen blauwdruk gemaakt."


Frank vertelt narratief. Geen modellen, geen theorie. Zijn verhalen gaan over zijn liefde voor muziek, zijn jeugd, zijn leven. Maar vooral over zijn mensen.


"Zij doen het werk, zij zijn de organisatie. Ik ben hen."


Hij wil weten wat mensen willen bereiken, wat zij belangrijk vinden en hoe ze weten dat het klopt. Dat leidde tot meetinformatie die teams zelf ontwikkelden. Teams weten eerder dan leidinggevenden hoe het ervoor staat en sturen bij waar nodig.


"Met goede informatie zorgen we dat mensen in hun hoofd weten dat het klopt. Met de verhalen die mensen erover vertellen willen we dat mensen zichzelf en anderen raken, dat het hart gaat spreken. Het is in die combinatie dat het werkt: hoofd en hart."


VUCA


'Volatile, Uncertain, Complex, Ambiguous.'


Frank hamert op het besef dat er geen vaste volgorde bestaat.


"Er is geen logische volgorde. Er is geen routekaart naar succes. Het loopt altijd anders dan je denkt."


Wendbaarheid, flexibiliteit en veerkracht vormen zijn uitgangspunten. Hij gelooft niet in top-down plannen of controlemechanismen. Als voorzitter van het directiecomité neemt hij geen inhoudelijke beslissingen.


"Ik zorg ervoor dat de mensen die er verstand van hebben, de besluiten nemen."


Leiderschap betekent hier: actief ruimte maken voor het menselijke, mensen op hun eigen manier laten groeien en verantwoordelijkheid werkelijk durven laten liggen waar die hoort.


"Een goede leider hoeft geen expert te zijn maar zorgt voor goede mensen op de goede plek en zorgt dat zij de beslissingen kunnen en mogen nemen."


Fouten worden niet naar beneden doorgeschoven.


"Ze krijgen hier niet op hun kop als het misloopt. Ik en het management nemen de eindverantwoordelijkheid. We slagen met elkaar en falen met elkaar."


Absurdistaan


"Mijn talent is dat ik weet dat ik niks weet. Ik was 53 jaar toen ik daarachter kwam."


Frank noemt zichzelf geen expert. Dat wil hij ook niet zijn. Zijn kracht ligt elders.


"Ik ontdekte dat ik wel altijd de goede mensen om me heen kan verzamelen."


Zoals vroeger al. Zelf kon hij niet voetballen, maar hij zat wel altijd in het juiste team.


"Mijn belangrijkste competentie is dat ik talent voor talent heb. Ik zie mensen."


Luisteren en praten. De hele dag.


Binnen de organisatie werken enkele ‘Absurdistanen’. Geen managers, maar facilitatoren. Mensen die teams ondersteunen, vragen stellen, projecten oppakken en ‘de luis in de pels’ durven zijn. Het klinkt misschien absurd maar ze komen alleen maar om te helpen, no strings attached. 


Ik spreek er één. Ze wilde geen leidinggevende zijn. Ze wilde gewoon bijdragen, verbeteren en plezier hebben in werk. Soms schuurt het in het werk als iets echt niet klopt of door de beugel kan. Soms moet het gewoon gebeuren. Ook dat hoort erbij. Ze kwam uit de IT, liep vast, Frank zag het in haar en bood iets anders aan.


"Wat dat precies was, wist ik zelf ook niet," zei hij tegen haar.

"De tijd moest het leren."


Het bleek te kloppen.

Frank van Massenhove

Frank Van Massenhove (1954) groeide op in Zerkegem (Jabbeke) en vond in boeken en muziek het middel om de wereld te leren kennen. Hij studeerde rechten aan de Universiteit Gent. In zijn vrije tijd werkte hij mee in de Wetswinkel. Na zijn studies ging hij aan de slag als werkgelegenheidsinspecteur. In de jaren tachtig werd hij door Luc Van den Bossche naar de socialistische partij gehaald. Zo werkte hij als adviseur op de kabinetten van Roger De Wulf en Leona Detiège, nadien als kabinetschef van de Gentse burgemeester Frank Beke. In 1999 ging hij aan de slag als kabinetschef van Frank Vandenbroucke, toen minister van Sociale Zaken en Pensioenen. In 2002 kwam hij aan het hoofd van de Federale Overheidsdienst Sociale Zekerheid. Hij hervormde de Dienst tot een eigentijdse organisatie, en werd daarvoor in 2007 uitgeroepen tot Overheidsmanager van het Jaar. Ik sprak hem in 2017. Hij is met pensioen sinds 1 april 2019.