DE TRANEN VAN MESSI

Waarachtigheid
Een voetbalnest. Dat is waar ik vandaan kom. Mijn vader was voetbalfan, Feyenoord-liefhebber en ook voor Cambuur, een volksclub. Als kind van een middenstandsgezin paste die club bij de arbeidsmentaliteit waar ik mee opgroeide. Net als Feyenoord.  Ik voelde me meer verwant met Ajax. Het rebelse trok me maar ook het creatieve en speelse. Cambuur had prachtige kleuren, geel-blauw maar ook Heerenveen vond ik aantrekkelijk met hun blauw-witte shirt met de Friese pompeblêden.
Al op vroege leeftijd voelde ik me soms heen en weer getrokken tussen 'kampen', zoekend naar hoe ik me dan moest verhouden.

Paplepel

Voetbal is me met de paplepel ingegoten maar ook iets doen voor de club. Mijn vader deed vrijwilligerswerk in de kantine van de plaatselijke voetbalclub. Mijn moeder waste de shirts van het eerste elftal. Daar verdienden mijn ouders dan een zakcentje mee en dat konden we in ons grote gezin goed gebruiken. Mijn broers voetbalden trouwens ook. Dus ja, het was eigenlijk voorbestemd dat ik ook ging voetballen.

Op de lagere school deed ik na schooltijd niet anders. Mijn boezemvriend Ronny en ik: we waren onafscheidelijk. Altijd maar voetballen. Het was mijn lust en mijn leven. Ik verzamelde voetbalplaatjes, kende opstellingen uit mijn hoofd en kon wegdromen bij namen als Celtic, Saint-Étienne, Liverpool en Steaua Boekarest.

Toen ik ouder werd veranderde het spel. Of misschien veranderde ik. Het voetbal werd serieuzer, fysieker en harder. Langzaam verdween iets van de magie. Wat voor mij eerst spel was, werd prestatie. Wat eerst plezier was, werd ook overleven. Achteraf denk ik dat ik moeite had mijn plek te (her)vinden in een veranderende context.

Aanvoerder

Gisteren zag ik Messi huilen na de finale. De camera zat dicht op zijn gezicht. Tranen biggelden over zijn wangen.

Wat vertellen die tranen?

Ik weet het niet. Misschien vertellen ze iets over teleurstelling. Misschien over zijn op handen zijnde afscheid. Misschien over opluchting. Maar terwijl ik keek zag ik niet alleen een speler en een mens maar ook een aanvoerder. Wat representeert dat?

Een aanvoerder draagt meer dan zijn eigen verhaal. Zij/Hij draagt verwachtingen, verlangens en projecties van anderen. Niet alleen van zijn medespelers, maar in het geval van Messi, van een heel land dat in de ban is van voetbal. Aanvoerderschap en ook leiderschap overstijgt in mijn ogen het particuliere. Het gaat niet alleen over de persoon zelf.

Dat raakt ook aan mijn eigen zoektocht naar leiderschap. Leiderschap is voor mij niet iets dat je zomaar kunt claimen, organiseren of jezelf kunt toe-eigenen. Natuurlijk kun je een leidinggevende functie krijgen of een titel dragen. Maar echt leiderschap word je ook gegund. Mensen kennen het je toe. Ze leggen iets van hun vertrouwen, hoop en verwachting bij jou neer. En precies daarom heeft leiderschap ook een gewicht.

Misschien huilde Messi niet alleen om zichzelf. Misschien huilde hij om alles wat hij jarenlang gedragen heeft. De dromen van supporters. De verwachtingen van een voetbalgek land. De verantwoordelijkheid om voorop te gaan. Dat dragen heeft een prijs.

Tyrannie

Tijdens de rust zag ik het entertainment, spektakel. Grote artiesten, enorme boodschappen over liefde, bestuurders en beroemdheden in beeld. Na afloop volgde opnieuw een soort 'Hollywood happening' met Infantino en Trump als showmasters. En tegelijkertijd zag ik ook onsportief gedrag, provocaties en triomf.
Ik ergerde me maar terwijl ik er langer bij stil sta fascineert het me ook. Want die wereld achter Messi's tranen is niet alleen een wereld van schoonheid en kwetsbaarheid. Het is ook een wereld van jaloezie, rivaliteit, trots, verdriet, erkenning en misgunnen.

Op een voetbalveld ligt dat allemaal open en bloot. In organisaties is het vaak subtieler aanwezig. Daar noemen we het bijvoorbeeld 'weerstand’, ‘gedoe’, ‘cultuur’, 'opgave', ‘vraagstuk’. Maar onder die woorden schuilt vaak een veel menselijker werkelijkheid.

Dat brengt me bij iets wat ik filosoof René ten Bos ooit heb horen zeggen over 'teams' in organisaties. De term 'team' brengt in zijn ogen een tyrannieke neiging tot winnen met zich mee. En waar gewonnen moet worden, ontstaat ook de angst om te verliezen. Dat moet je vervolgens 'managen'. Niet voor niks heet de trainer in Engeland een 'manager'.

Dat herken ik in organisaties. We praten over doelen, resultaten, rollen, gedrag en processen. Dat zijn belangrijke gesprekken. Maar soms worden ze instrumenteel. Alsof het maakbaar is. Alsof de juiste interventie het probleem zal oplossen.

Maar wat als het daar niet over gaat? Wat als achter een conflict verdriet schuilgaat? Wat als achter weerstand verlies zit? Wat als achter gedrag een verlangen naar erkenning zichtbaar wordt?
Dan wordt de vraag niet hoe we het kunnen fixen, maar wat er werkelijk gezien wil worden.

Waarachtigheid?

Voor mij ligt daar de kern van systemisch kijken, leiderschapsontwikkeling en vitale samenwerking. Niet alleen kijken naar wat zichtbaar is, maar ook naar de wereld daarachter als dat relevant is voor wat je met elkaar te doen hebt. Niet om persé emoties te moeten delen maar om te kijken naar loyaliteiten, spanningen, verlangens, angsten en hoop als dat van invloed is op de taken die je met elkaar uitvoert.

Dat laat zich lang niet altijd laat vangen in een model, analyse of teamdag. Dat vraagt een volgehouden commitment om je werkelijk te verbinden met wat er écht toe doet, met wat er werkelijk speelt. Het vraagt ook waarachtigheid om daarnaar te handelen. Dat lukt mij lang niet altijd maar ik probeer het wel als kompas bij me te houden. En ik probeer anderen uit te nodigen dat ook te doen. En daarvan te leren.

Misschien bleef ik daarom toch naar die finale kijken inclusief de ceremonie. Niet alleen vanwege de beker en het spektakel. Maar omdat er even iets zichtbaar werd van wat normaal verborgen blijft.
De wereld achter de tranen van Messi. En misschien ook de wereld achter die van onszelf.

Organisatieontwikkeling

💡 LEESTIP

De serie 'the Crown' zette me aan het denken over commitment, voor mij de heilige graal bij samenwerking? In deze blog besteed ik aandacht aan het belang van 'uitstappen' bij complexe samenwerkingstrajecten.